camera obscura (pinhole camera)

Patrick Verlaak                 verlaak(point)patrick(ad)gmail(point)com



Concerning architecture as an instrument for orientating oneself in time and space


In this project, I will build upon my prior research concerning the influence of the Christian theme of ‘Annunciation’ on the perception of landscape within the Florentine Republic (12th – 15th century). This research displayed, amongst other things, how a building can be regarded as a landscape, as long as it allows for the possibility to orientate the walker in time and space.

For this project, I will restrict myself to small Romanesque churches, which are found over the entire former territory of the Florentine Republic. Some of these churches form a spatial representation of the annunciation due to their relationship with the natural environment. These small churches, pieve, are literally landmarks in nature, as they align to the East, the orient, from which the word ‘to orientate’ is derived. Therefore, one can imagine them as enormous compass needles. Often the Virgin is linked anthropomorphically to these churches and metaphorically called an abitacolo, meaning the casing of a compass needle.


The prototype of the Tuscan church has a simple square facade with a slightly sloping double pitch roof. The ground surface has a dimension of approximately 1:2, yet sometimes 1:3. Originally, this simple ‘box’ did not have any windows or a tower. Within the facade of the church, above the only door, there was one, round opening: the oculus. This was the church’s only ‘window’, allowing in a very limited amount of light. Consequently, this architecture portrays a striking resemblance to a photo-camera, with the oculus as the opening of a giant camera obscura or pinhole camera.

Within this project, I will make photographs using a homemade camera obscura with the same dimensions as the prototype of these small Romanesque churches.

The camera obscura will be placed in front of the facade of these churches in order to make a photograph of their surroundings, capturing what is imaginarily projected inside the church. I will therefore register the image of the landscape as the building sees it through its one, round window. The composition or viewpoint becomes entirely determined by the orientation and spatial dimensions of the church.


This research reflects upon time and space, the magic of a place (Genius Loci), the slowness of an image and the structures we project upon our surroundings in order to make them readable and comprehensible. Architecture is approached here as an observatory, a tool which provides the structure to create a landscape. The building (camera obscura) also becomes a metaphor for what comes in (introspection) and for what goes back out (view). Additionally, a dialogue stressing tension between photography and painting will be indirectly addressed.


Over architectuur als een instrument om zich in plaats en tijd te oriënteren


Dit project is een onderzoek naar de invloed van het Christelijk motief van de  ‘Annunciatie’ op de beeldvorming van het landschap in de Florentijnse Republiek (12de-15de eeuw). In dat onderzoek bleek dat men een gebouw ook als landschap kan beschouwen, tenminste als het de mogelijkheid bood om de wandelaar in ruimte en tijd te oriënteren.

Binnen dit onderzoek beperk ik mij in Romaanse volkskerkjes, verspreid over heel het grondgebied van de voormalige Florentijnse Republiek. Sommige kerkjes vormen in relatie tot hun natuurlijke omgeving een ruimtelijke voorstelling van de annunciatie.

De gebouwen zijn letterlijk bakens in de natuur. De kerkjes (PIEVE) richten zich op het oosten, de oriënt, waarvan het woord ‘zich oriënteren’ is afgeleid. Men zou ze kunnen beschouwen als reusachtige kompasnaalden. Doorgaans wordt de Maagd op een antropomorfe wijze gelinkt aan die kerkjes, ze wordt in een beeldspraak een ‘ABITACOLO’ genoemd, wat zoveel betekent als de behuizing van een compasnaald.


Het prototype van een Toscaanse volkskerk heeft een eenvoudige vierkante gevel met een zachthellend zadeldak. Het grondvlak heeft een verhouding van ongeveer 1:2 soms 1:3. Oorspronkelijk had deze eenvoudige ‘doos’ geen vensters, geen toren. Boven de enige deur in de gevel was er enkel een kleine ronde opening: de oculus. Het was het enige ‘venster’ dat heel beperkt licht binnen liet. Er is een opvallende gelijkenis met het foto-apparaat. De oculus wordt met andere woorden de opening van een reusachtige Camera Obscura (pin-hole camera).

Binnen dit project wil ik fotograferen aan de hand van een zelfgemaakte Camera Obscura, met dezelfde verhoudingen als het prototype van die Romaanse volkskerkjes.

Ik wil mijn Camera Obscura plaatsen voor de gevel van de kerkjes en een foto nemen van de omgeving die ‘denkbeeldig’ in de kerk wordt geprojecteerd. Ik wil een beeld van het landschap registreren zoals het gebouw dat door zijn ene ronde venster ziet.  De compositie, het standpunt wordt dus volledig bepaald door de oriëntatie en de ruimtelijke verhouding van die kerkjes.


Het onderzoek reflecteert over tijd en plaats, de magie van een plaats (Genius Loci), de traagheid van een beeld, structuren die we projecteren op onze omgeving om die leesbaar en bevattelijk te maken. Architectuur wordt hier benaderd als een observatorium, een instrument die structuren kan aanreiken om tot een landschap te komen.

Het gebouw (Camera Obscura) wordt ook een metafoor over wat binnen komt (introspectie) en weer naar buiten gaat (uitzicht). Een  spanningsveld tussen fotografie en schilderkunst is onvermijdelijk.



maquette (reconstruction P.Verlaak)

Pieve San Pietro a Gropina

Fotographic paper, 24 x17,8 cm, 2011

Pieve Santa Maria a Pian di Scò

Fotographic paper, 24 x17,8 cm, 2011

Pieve Santa Maria in Silva (Monterchi)

Fotographic paper, 24 x17,8 cm, 2011

Pieve di San Romolo a Valiana (Pratovecchio)

Fotographic paper, 24 x17,8 cm, 2011

Pieve San Pietro a Pitiana (Reggello)

Fotographic paper, 24 x17,8 cm, 2011

Pieve Santa Maria a Sovara (Anghiari)

Fotographic paper, 24 x17,8 cm, 2011